Top-100 Financieel Management Termen

Inhoudsopgave:

1. Accounting grondslagen
2. Jaarverslag
3. Winst en Verliesrekening
4. Balans
5. Kasstroomoverzicht
6. Investeringsmaatstaven
7. Winstgevendheid Ratio's
8. Solvabiliteit Ratio's
9. Liquiditeit Ratio's
10. Activiteiten Ratio's

 

Alfabetisch overzicht

Vertalingen naar EN, GE, FR, IT en ES.

Bekijk hier de Financieel Management trainingen die ik aanbied.

 

Wil je de Top-100 Financieel Management termen graag ontvangen?

Vul dan onderstaand formulier in en vermeld bij de omschrijving "Top-100 termen". Je ontvangt dan het overzicht met de uitleg van de termen en hebt de vertalingen bij de hand. Daarnaast ontvang je ook mijn artikel: "De acht meest gemaakte financiële fouten door managers".

 

 

1. Accounting grondslagen

Relevantie en Materialiteit

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming en die tot relevante en materieel andere beslissingen zouden voeren moeten opgenomen worden in de financiële overzichten.

Tijdigheid

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming binnen het beschreven tijdvak moeten opgenomen worden in de financiële overzichten.

Betrouwbaarheid

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming moeten onbevooroordeeld, neutraal en verifieerbaar opgenomen worden in de financiële overzichten.

Voorzichtigheid

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming waarvan de exacte impact moeilijk in te schatten is moeten conservatief opgenomen worden in de financiële overzichten.

Vergelijkbaarheid

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming moeten via gelijke methoden tussen perioden en bedrijfsonderdelen opgenomen worden in de financiële overzichten.

Consistent

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming moeten volgens een gelijke en consistente manier van werken opgenomen worden in de financiële overzichten.

Continuïteit

Alle gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden binnen de onderneming moeten opgenomen worden in de financiële overzichten in de veronderstelling dat de onderneming blijft bestaan. Denk bijvoorbeeld aan een onderneming die een fabriek bouwt die € 40 mio gekost heeft en 40 jaar kan functioneren. Indien de onderneming failliet gaat is de waarde nog € 3 mio voor de grond en het gebouw. In de financiële overzichten gaan we er altijd vanuit dat de onderneming ook daadwerkelijk 40 jaar van de fabriek gebruik kan maken en veronderstellen we niet dat de € 37 mio verloren zijn gegaan.

Volledigheid van de omzet

Het is van groot belang om zeker te stellen dat alle inkomende waarde stromen opgenomen zijn. Doel is om zo veel mogelijk omzet te hebben en dat alle activiteiten worden verantwoord.

Juistheid van de kosten

Het is van groot belang om zeker te stellen dat alle uitgaande waarde stromen juist zijn. Doel is om zo min mogelijk kosten te hebben en dat alle kosten die opgenomen zijn ook daadwerkelijk ten laste van mijn onderneming komen.

Rechtmatigheid van de uitgaven

Het is van groot belang vast te stellen op de uitgaven die ik doe ook passen binnen de doelstellingen die ik heb. Passen de uitgaven binnen mijn plannen?

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

2. Jaarverslag

Het jaarverslag kent zijn oorsprong in het ontstaan van aandelen. Op het moment dat de eigenaren niet meer actief betrokken zijn bij de dagelijkse leiding van de onderneming is het van groot belang ze juist en tijdig te informeren omtrent de financiële status van de onderneming. Het jaarverslag bestaat uit de Jaarrekening (= het financiële gedeelte), het commentaar van de Raad van Bestuur en Raad van Commissarissen, de Accountantsverklaring en overige informatie.

Jaarrekening

De jaarrekening is het financiële deel uit het jaarverslag en bestaat uit DE drie financieel management overzichten, namelijk de Winst en Verlies rekening, de Balans en het Kasstroomoverzicht.

Toelichting op de jaarrekening

Bij bestudering van DE drie financiële overzichten valt op dat er veel verwijzingen zijn naar details. Dit zijn beschrijving van de keuzes die door de onderneming zijn gemaakt bij het opstellen van de jaarrekening. Vooral belangrijk bij het vergelijken van ondernemingen.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

3. Winst en Verliesrekening = Resultatenrekening, = Kosten / Baten overzicht

Periode overzicht waarin de geldwaarde van de activiteiten en de daardoor veroorzaakte kosten worden weergegeven. Of met andere woorden het overzicht van de geleverde producten en diensten van de periode minus wat is verbruikt om de gerealiseerde activiteiten te leveren.

Omzet

Geldwaarde van de verrichte activiteiten uit de beschreven periode. Omzet betreft de waarde van de producten die door de klant ontvangen zijn plus de waarde van de diensten verricht. Let op: Omzet heeft niets te maken met geld instroom of uitstroom, het betreft dus géén betaling.

Kosten

Geldwaarde van de benodigdheden / verbruiken om de omzetten te realiseren. Let op: Kosten heeft niets te maken met geld instroom of uitstroom, het betreft dus géén ontvangst nog betaling.

Directe kosten

Ook vaak productiekosten genoemd. Kosten die direct toegewezen kunnen worden aan de activiteiten / omzetten. Bij een fietswinkel heb ik omzet als ik de fiets lever aan de klant. De kosten van de fiets zelf zijn directe kosten omdat ik deze direct kan toewijzen aan de omzet. Het verbruik van elektriciteit in de winkel is niet direct te relateren aan de omzet dus deze noem ik de indirecte kosten.

Contributie Marge

Binnen Financieel Management zijn we niet heel erg consequent in het toepassen van namen. We zijn echter wel heel erg consequent in de methodiek. Met andere woorden een subtotaal in de Winst en Verliesrekening is altijd de som van de omzet minus bovenstaande kosten. Meestal wordt met Contributie marge bedoelt: Omzet – Directe kosten

Indirecte kosten

Kosten die niet direct toegewezen kunnen worden aan de hoeveelheid activiteiten. Met name Directie, Financiële afdeling, R&D, Verkoop, IT etc. In het voorbeeld van de Fietsenwinkel is het bijvoorbeeld de elektriciteit die in de winkel verbruikt wordt.

Operationele Winst in het Engels ook vaak EBIT earnings before interest and tax

Binnen Financieel Management zijn we niet heel erg consequent in het toepassen van namen. We zijn echter wel heel erg consequent in de methodiek. Met andere woorden een subtotaal in de Winst en Verliesrekening is altijd de som van de omzet minus bovenstaande kosten.
Meestal wordt met Operationele Winst bedoelt: Omzet – Operationele Kosten. Dit is het resultaat uit "normale" bedrijfsuitoefening. Met andere woorden het resultaat van de verrichte activiteiten voordat we rekening houden met de kapitaal structuur van de onderneming (en hoeveel rente betaald moet worden) en de invloed van de overheid (in de vorm van belastingen). Deze twee, de kapitaalstructuur en de overheid zijn namelijk niet beïnvloed door de activiteiten (lees de omzet). Wil je beoordelen hoe goed een onderneming heeft gepresteerd is dit normaal gesproken de beste maatstaf om te vergelijken over de jaren of ten opzichte van het budget.  

Rente

Betaling op vreemd vermogen.

Winst voor belasting

Binnen Financieel Management zijn we niet heel erg consequent in het toepassen van namen. We zijn echter wel heel erg consequent in de methodiek. Met andere woorden een subtotaal in de Winst en Verliesrekening is altijd de som van de omzet minus bovenstaande kosten. Meestal wordt met Winst voor belasting bedoelt: Operationele Winst – Rente

Belastingen

Hoef ik toch aan niemand uit te leggen.......

Netto Winst

Binnen Financieel Management zijn we niet heel erg consequent in het toepassen van namen. We zijn echter wel heel erg consequent in de methodiek. Met andere woorden een subtotaal in de Winst en Verliesrekening is altijd de som van de omzet minus bovenstaande kosten. Meestal wordt met Netto Winst bedoelt: Operationele Winst – Rente – Belastingen; Beschikbaar voor de eigenaren van de onderneming.

EBITDA earnings before interest, tax, depreciation and Amortisation

EBITDA is een speciale financiële tussen telling. Let op: Verwissel EBITDA niet met EBIT.  EBIT of Operationele Winst is de meest toegepaste prestatie maatstaf om te bepalen of de prestaties van de onderneming "goed" of "slecht" zijn. Het geeft weer of de normale activiteiten iets opgeleverd hebben voor de kapitaalverschaffers. Om vanuit de EBIT te komen tot de EBITDA tellen we bij de winst de afschrijvingen op. EBITDA staat voor Earnings before interest, tax, depreciation and amortisation. Oftewel resultaat voor aftrek van de rente, belastingen en afschrijvingen. Afschrijvingen verlagen wel de winst (omdat het gebruik van bezittingen weergeeft) maar geen betalingen (omdat je de bezittingen lang geleden hebt aangeschaft en betaald. Denk aan een gebouw.)
Waarom kijken we naar EBITDA? Omdat het een tussenstap is vanuit Normale Winst naar "geldinstroom". 
Mag je EBITDA gebruiken als prestatie maatstaf? Ja maar uitsluitend als je het besef hebt dat de EBITDA niet vrij ter beschikking staat voor de betaling aan de verschaffers van kapitaal (dividend, rente) en de belastingen maar dat daar ook nog alle investeringen in gebouwen en productiemiddelen mee gefinancierd moeten worden. 

Dividend

Uitbetaling van gerealiseerde winsten aan de houders van aandelen

Break even point

Aantal producten waarbij de kosten gelijk zijn aan de omzet.

Vaste kosten

Kosten die niet (of slechts bij heel grote stappen) variëren met de geproduceerde hoeveelheid. Let op: Kosten zijn zaken die je gebruikt of verbruikt, niet zaken die je betaald.

Variabele kosten

Kosten die meebewegen met de geproduceerde hoeveelheid. Let op: Kosten zijn zaken die je gebruikt of verbruikt, niet zaken die je betaald.

Kapitaliseren van kosten

Indien kosten gemaakt door de onderneming niet in één jaar worden “verbruikt” kunnen deze kosten op de balans worden geparkeerd en de komende jaren, “naar gebruik” in de Verlies- en Winstrekening worden opgenomen. Onderhoud aan gebouwen, IT-systeem ontwikkeling, R&D. Door te kapitaliseren wordt de winst NU hoger maar de winst toekomstig lager.

Afschrijven van activa

Omgekeerde van Kapitaliseren. Het van de balans nemen van waarde en het “verbruiken” in de Verlies en Winstrekening.

Kostendrager

Groepen of activiteiten waaraan kosten worden toegewezen, veelal de afdelingen.

Kostenplaats

Afdeling (kostenplaats) waar geen omzet aan wordt toegewezen en dus ook geen winst of verlies kan maken

“Winstplaats” in het Engels Profit Center

Afdeling (Winstplaats) waar omzet aan wordt toegewezen en dus ook marge en winst of verlies maakt

Functionele Winst en Verlies rekening

W&V waarbij de functie, producten of activiteiten de basis vormen voor de toewijzing. Wat genereert de omzet en welke kosten horen er bij (Productie afdeling, IT afdeling, Verkoopafdeling)?

Kostensoort

Het type kosten zoals personeelskosten, Reiskosten, IT-kosten etc.

Categoriale Winst en Verlies rekening

W&V waarbij het type kosten de basis vormen voor de toewijzing (personeelskosten, materiaalkosten).

Absorption Costing

Methodiek waarbij een deel van de indirecte kosten worden toegewezen aan de directe kosten en dus onderdeel worden van de kostprijs van een product.

Activity Based Costing (ABC)

Methodiek van kostentoewijzing waarbij de onderliggende activiteit als basis voor de toewijzing dient. Meest gebruikt, M2 voor huisvesting, FTE voor afdeling personeelszaken.

Full Time Equivalent (FTE)

Aantal uren bij 100% dienstverband. Aantallen voltijdige personeelsleden. Dit kan dus verschillen per onderneming afhankelijk van de cao.

Periode toerekening

Indien de spullen verbruikt zijn maar de rekening nog niet ontvangen moeten de kosten toch verantwoord worden in de Winst en Verlies rekening. Hiertoe wordt een handmatige correctie gemaakt die we een accrual boeking noemen.

Budget

Bij budgetteren worden Winst en Verlies rekening, Balans en Kasstroom overzicht gemaakt voor een toekomstige periode. Belangrijk bij een budget is om alle vier de factoren van het budget goed vast te leggen. Dit zijn de Tijdsperiode waarover we spreken, meestal is dit één jaar, de Specificaties van en de Kwaliteit van de te leveren producten of activiteiten, en de Kosten die gemaakt mogen worden om binnen de tijd, specificaties en kwaliteit te leveren.

Target

Taakstelling in de vorm van Winst en Verlies rekening, Balans en Kasstroom overzicht met verbeteringsdoelstelling. Let op: als het budget ook toegepast wordt als Target zal een manager altijd de intentie hebben bij het budget in zijn voordeel te schatten en zal er dus een structurele afwijking ten opzichte van de realiteit ontstaan.

Variantie

Verschil tussen budget en of target en daadwerkelijk gerealiseerde prestatie.

Consolideren

Optellen van verschillende bedrijven tot één geheel waarbij de onderlinge verbanden worden weggestreept. Pas nadat producten buiten de groep verkocht worden komen ze als omzet op de gerealiseerde financiële overzichten te staan. Zolang de producten binnen de groep “verhuizen” wordt het een verschuiving zonder resultaat.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

4. Balans

Moment opname van de bezittingen, de schulden en het eigendom van de onderneming.

Activa: Wat heb ik?

Op de linkerkant van de balans staan alle items waarmee de onderneming werkt. Hierbij kun je denken aan grond, gebouwen, patenten, voorraad of geld op de bank.

Vaste Activa

Bij de spullen die we hebben en waar we mee werken maken we verschil tussen "ge"bruiken en "ver"bruiken. Een gebouw gebruik je verschillende periodes terwijl je voorraad verbruikt. Vaste activa gebruik je vlottende activa verbruik je. 

Vlottende Activa

Activa die je verbruikt om de activiteiten te verrichten zoals voorraden, geld, debiteuren.

Materiële activa

Tastbare activa die je vast kunt pakken te verrichten zoals gebouwen, machines en voorraad.

Immateriële Activa

Niet tastbare activa die je gebruikt om de activiteiten te verrichten zoals patenten, rechten of goodwill.

Goodwill

Het verschil tussen de marktwaarde van een gekochte onderneming en de boekwaarde van de activa (Grond, Gebouwen, Machines, Patenten, Voorraden en Geld). Waarom ontstaat Goodwill? Vaak worden ondernemingen gekocht vanwege de merknaam, de klantenkring of de kennis die ze hebben om een product te ontwikkelen. Deze waarden staan traditioneel niet op de Balans van de onderneming als een bezitting en verklaren het verschil tussen de prijs betaald en de Balans waarde.

Debiteuren

Openstaande vorderingen op je klanten.

Passiva: Van wie is het?

Op de rechter kant van de balans staat vermeld hoe de onderneming de activa heeft verkregen uit eigen- en vreemd vermogen. 

Eigen vermogen

Bestaat uit ingebracht aandelen kapitaal van de eigenaren, gerealiseerde winsten uit het verleden en reserves opgebouwd.

Nominaal aandelen kapitaal

Totale boekhoudkundige waarde van de uitgegeven aandelen (zoals vermeld op aandeel) en weergegeven op de balans

Reëel aandelen kapitaal

Marktwaarde van de aandelen. Let op: Dit staat niet in de balans vermeld.

Preferente aandelen

Preferente aandeelhouders krijgen een vast rendement (na rente betaling) en hebben in sommige gevallen uitzonderlijk stemrecht / invloed. Het risico van een preferent aandeel is dus lager als dat van een gewoon aandeel. Gemiddeld zal er dus ook een lager rendement op gehaald worden.

Gewone aandelen

Eigendom van de onderneming is verdeeld volgens de aandelen. Gewone aandelen dragen het meeste risico (in verhouding tot vreemd vermogen en preferente aandelen) en verlangen derhalve het hoogste rendement.

Reserves

Uit het verleden niet uitgekeerde winsten. Let op: Reserves zijn een boekhoudkundig begrip en niet iets dat je kunt vastpakken of als een bedrag op de bankrekening staat. De oorspronkelijk gerelateerde kasstroom daarvan staat meestal niet meer op de bankrekening maar is gebruikt om te groeien.

Vreemd vermogen

Vermogen aangetrokken van niet eigenaren door middel van obligaties, leningen en crediteuren.

Kort vreemd vermogen

Vreemd vermogen dat binnen 1 jaar afgelost / betaald moet worden.

Crediteuren

Openstaande verplichtingen naar je leveranciers.

Werkkapitaal

Vlottende activa – kort vreemd vermogen. Wordt in de praktijk ook wel vereenvoudigd tot voorraden + WIP + debiteuren – crediteuren. Met hoeveel kapitaal werkt de onderneming?

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

5. Kasstroomoverzicht = Staat van herkomst en besteding van middelen

Periode overzicht waarin de inkomende en uitgaande geldstroom worden weergegeven.

Operationele kasstroom

Kasstroom uit de normale / dagelijkse activiteiten van de onderneming. Deze vormt de bron om te kunnen investeren, rente te betalen en de eigenaren van dividend te voorzien. Daarom moet deze gemiddeld positief zijn.

Investeringskasstroom

Kasstroom uit (des-)investeringen van balans items zoals productie middelen, grond, gebouwen.

Financieringskasstroom

Kasstroom uit aantrekken of aflossen van leningen, uitgeven of inkopen van aandelen.

Directe methode

Alle kasstromen worden weergegeven op basis van de in- en uitstroom.

Indirecte methode

De Kasstroom wordt berekend vanuit de Winst en Verlies rekening. Gestart wordt met de winst uit de W&V en vervolgens worden correcties gemaakt voor posten die geen kasstroom tot gevolg hebben, bijvoorbeeld afschrijvingen en wordt gecorrigeerd voor verschillen in de Balans zoals meer of minder voorraden, debiteuren of crediteuren.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

6. Investeringsmaatstaven

Gemiddelde Vermogenskostenvoet

Hoeveel rendement moet ik opbrengen gezien mijn risico profiel op het in mijn bedrijf geïnvesteerde geld? De berekening is als volgt: rendement op eigen vermogen * % eigen vermogen + rendement op vreemd vermogen * (1-belasting %) * % vreemd vermogen

Terug verdien tijd

Aantal jaren en maanden dat het duurt totdat de oorspronkelijke investering terug verdiend is. Hierbij wordt geen rekening gehouden met het verlies van waarde in de tijd. Belangrijke maatstaf omdat deze het volgende beslissingsmoment weer geeft.

Contante waarde CW

Huidige waarde van de toekomstige kasstromen. De berekening is als volgt: + kasstroom jaar 1 / WACC + kasstroom jaar 2 / WACC2 + …….

Netto Contante waarde NCW

Wat is de huidige waarde van alle kasstromen van de investering? Geeft een absolute waarde aan een investering. Veronderstelling is wel dat het risico profiel (basis van WACC) bekend is. De berekening is als volgt: - investering + kasstroom jaar 1 / WACC + kasstroom jaar 2 / WACC2 + …….

Interne rente voet

Bij welke rente is investering gelijk aan de huidige waarde van de inkomsten van de investering? De berekening is als volgt: Investering = kasstroom jaar 1 / IRR + kasstroom jaar 2 / IRR2 + …….

Gevoeligheidsanalyse

Investeringsanalyse (NCW, IRR, etc) waarbij de uitgangspunten conservatief (Worst case) of progressief (Best case) worden uitgewerkt.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

7. Winstgevendheid ratio's: Hoe profitabel is mijn onderneming?

Marge %

Hoeveel hou ik over als ik de kosten van het product dat ik verkocht heb eraf haal. Of met andere woorden hoeveel heb ik om mijn vaste kosten die niet verbonden zijn aan de omzet kan betalen. Marge / Omzet.

Winst %

Hoeveel hou ik over als ik alle kosten van de omzet heb afgehaald voordat ik rente en belastingen ga betalen? Operationele Winst / Omzet.

Return on Equity ROE

Hoeveel Rendement haal ik in verhouding tot het eigen vermogen dat in de onderneming is geïnvesteerd. Operationele winst / Eigen vermogen.

Return on Assets ROA

Hoeveel Rendement haal ik in verhouding tot het kapitaal dat in de onderneming is geïnvesteerd. De taart / Aantal mensen; Operationele winst / Totale activa.

Return on Net Assets RONA

Hoeveel Rendement haal ik in verhouding tot het kapitaal minus het leveranciers krediet dat in de onderneming is geïnvesteerd? De taart / Taart eters; Operationele winst / Totale activa – niet rente dragende leningen.

Return on Capital Employed ROCE

Hoeveel Rendement na belasting haal ik in verhouding tot het kapitaal minus het leveranciers krediet dat in de onderneming is geïnvesteerd? De taart – grote broer / Taart eters; Operationele winst – belastingen / Totale activa – niet rente dragende leningen.

Return on Invested Capital ROIC

Hoeveel Rendement na belasting haal ik in verhouding tot het kapitaal, minus het leveranciers krediet, plus het kapitaal dat nodig is voor de toekomst dat in de onderneming is geïnvesteerd? De taart – grote broer / Taart eters + Bakker; Operationele winst - belastingen / Totale activa – niet rente dragende leningen + Capitalized R&D + Historc goodwill.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

8. Solvabiliteit ratio's: Hoe goed ben ik in staat mijn lange termijn leningen en investeringen te betalen?

Debt to Equity ratio

Hoeveel schuld zit er al in de onderneming? Vreemd vermogen / Eigen vermogen. Er is geen perfecte VV/EV verhouding dit is een luxe keuze.

Debt ratio

Hoeveel schuld zit er al in de onderneming? Hoe zwaar is de onderneming beladen met leningen?Vreemd vermogen / Totaal vermogen.

Times Interest Earned

Hoe zeker is het voor vreemd vermogen verschaffers dat ze het geld krijgen? Hoe vaak kan ik met de winst de rente betalen? EBIT / Rente kosten

Winst per aandeel of in het Engels Earnings per Share

EPS in verhouding tot het dividend geeft aan of de onderneming aan het sparen of interen is. Netto winst / aantal normale aandelen.

Price Earnings ratio

Hoe vaak de winst voor het aandeel wordt betaald. Deze maatstaf geeft een indicatie van het groeipotentieel van de betreffende onderneming. Marktprijs per aandeel / EPS.

 

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

9. Liquiditeit ratio's: Hoe goed ben ik in staat mijn kortlopende schulden te betalen?

Current Ratio

Hoeveel moet ik betalen en hoeveel heb ik plus wat komt er dit jaar nog binnen. Vlottende activa / kort lopende schulden.

Quick Ratio

Hoeveel moet ik betalen en hoeveel heb ik (minus de voorraden omdat ik deze nog niet zo snel in geld heb verwerkt) plus wat komt er nog binnen. Vlottende activa – voorraden / kort lopende schulden.

Dynamische Liquiditeit

Bij de dynamische liquiditeit bekijk ik op de lange termijn naar het instromende en uitstromende geld. Deze lange termijn prognose noem ik ook wel een liquiditeiten begroting. 

Statische Liquiditeit

Bij de statische liquiditeit bekijk ik de situatie op een specifiek moment door middel van het uitrekenen van de current en quick ratio.

Deel dit overzicht met de knoppen in de zijbalk.

 

10. Activiteiten ratio's: Hoe goed bestuur ik mijn bedrijf?

Omloopsnelheid voorraad

Hoe snel per jaar komt de voorraad binnen en heb ik deze verkocht. Of met andere woorden hoeveel dagen ligt de voorraad in het magazijn voordat deze naar de klant wordt geleverd. Voorraad / Omzet * 365.

Omloopsnelheid kapitaal

Hoeveel kapitaal (of investeringen) heb ik nodig in de onderneming om deze te laten draaien. Let op iedereen die geld in de onderneming stopt wil er ook iets voor terug (dividend of rente). Doel is daarom om zo min mogelijk gebouwen, grond, voorraad enzovoorts te hebben. Totaal activa / Omzet * 365.

Omloopsnelheid Debiteuren

Na hoeveel dagen betalen mijn klanten mij? Debiteuren / Omzet * 365.

Omloopsnelheid Crediteuren

Na hoeveel dagen betaal ik mijn leveranciers? Crediteuren / COGS * 365 of ook wel Crediteuren / inkoopvolume * 365. 

 

Bekijk ook mijn YouTube kanaal voor uitleg van de verschillende overzichten.